Drugsbende uit Dongen (Caribe-zaak)

De Caribezaak draaide om grote aantallen transporten heroïne naar Engeland, waarvan een aantal werden onderschept. In totaal zou er rond de 5000 kilo zijn gesmokkeld.
Rechercheurs zouden volgens de advocaten valse processen-verbaal hebben opgemaakt en ze zouden daarover hebben gelogen tegen de rechter-commissaris.
Op 13 januari 2010 erkende het OM voorlopig dat van twee van de vier politiemensen er 'een meinedige passage' in hun verklaringen over de drugszaak staan. In de weken daarvoor had de rechtbank in Breda de 8 verdachten al op vrije voeten gesteld.
De technisch coördinator, die de dagelijkse leiding had van het onderzoek, trok bij de rechter zijn eerdere, zwaar belastende verklaringen tegen de hoofdverdachte compleet in. Hij verklaarde tegen de rechter dat hij 'niet bewust heeft gelogen'. De advocaten van de verdachten wilden daarna dat de rechtbank het OM niet-ontvankelijk zou verklaren. De officier van justitie vond het te ver gaan om de verdachten vrijuit te laten gaan. De hoofdverdachte zou in grote lijnen een bekennende verklaring hebben afgelegd en volgens de officier waren de overige verdachten niet in hun belangen geschaad.
Op 14 januari 2010 verklaarde het OM dat het vond dat ten onrechte 'als vaststaand feit' werd aangenomen dat agenten hebben gelogen. Volgens de persofficier hadden de politiemensen na een verhoor van de hoofdverdachte alleen wat taalcorrecties, aanvullingen en chronologische wijzigingen in het proces verbaal aangebracht. De gewijzigde versie zou aan de hoofdverdachte zijn voorgelezen en die zou er geen bezwaar tegen gehad hebben.
De rechtbank in Breda verklaarde het OM niet-ontvankelijk op 27 januari 2010 en de acht verdachten gingen vrijuit. Op het laatste moment kwam het OM nog met een brief waarin het stelde dat er nieuwe informatie was binnengekomen die nog zou moeten worden onderzocht. De rechtbank noemde het inbrengen van die brief te laat. De rechtbank stelde verder dat twee rechercheurs na een verhoor van de hoofdverdachte 'in zijn verklaring hadden zitten knoeien'. 'Knip- en plakwerk', aldus de rechtbank. 'Van de oorspronkelijke verklaring van verdachte C. was weinig meer over'.
Drie rechercheurs die betrokken waren bij het onderzoek werden overgeplaatst naar een andere afdeling binnen het korps Midden- en West-Brabant. 
Justitie seponeerde in oktober 2010 de zaak tegen twee rechercheurs die werden verdacht van meineed. Volgens de advocaat van één van de rechercheurs hebben de agenten in de zaak zich gek laten maken door de advocaten van de verdachten en werkten ze onder grote stress. Daardoor hebben ze fouten gemaakt en hebben ze slordig gewerkt. Ze zouden niet de intentie hebben gehad om de verdachten een oor aan te naaien.
De advocaten van de verdachten eisten inzage in het onderzoek van de Rijksrecherche naar de rechercheurs. De advocaten denken dat de rechercheurs aantoonbaar hebben gelogen tijdens de verhoren bij de rechter-commissaris. Ze vinden dat justitie de zaak in de doofpot stopt.
Op 8 december 2010 werd bekend dat de acht verdachten in de Caribezaak een bedrag van bijna een miljoen euro zouden gaan eisen van justitie voor de tijd die ze onterecht hebben vastgezeten. Een 57-jarige man schrijft zijn faillissement en echtscheiding toe aan zijn lange gevangenschap en volgens zijn advocaat, Jan-Hein Kuijpers, wil hij daarvoor compensatie. De officier van justitie verklaarde dat de verdachten niet zijn vrijgesproken, maar dat ze de dans zijn ontsprongen omdat justitie niet-ontvankelijk is verklaard. Er zou wel degelijk een redelijke verdenking tegen de mannen zijn geweest. Bijvoorbeeld een onderschept transport van 300 kilo heroïne naar Engeland.