Ted D.
Bijnaam:""
Ted D.
was eigenaar van een transportbedrijf in Breda. Hij zou zich bezig hebben gehouden met ripdeals en drugshandel naar Spanje en Engeland. Hij werd tot 12 jaar cel veroordeeld.
De bende van D. zou ook betrokken zijn geweest bij een ripdeal in Malaga. De bende zou verschillende transportbedrijven in Breda hebben gebruikt als dekmantel. Behalve in Spanje en Duitsland  zou de groep ook actief zijn geweest in Engeland. In januari 2003 werd een transport van 25 kilo heroïne bij Londen onderschept. De bende werd ook verdacht van het stelen van opleggers vol suiker, bier en zonnebanken ter waarde van miljoenen euro's.
D. legde zwaar belastende verklaringen af tegen voormalige kompanen. In 2002 werd hij door criminelen ontvoerd en bedreigd. In januari 2003 werd hij gearresteerd. Half december 2003 werd er 12 jaar cel tegen hem geeist voor het organiseren van talloze drugstransporten en hij werd door de rechtbank in Breda conform de eis veroordeeld.
D. ging in hoger beroep en stond in september 2004 voor het gerechtshof in Den Bosch. Hij werd in oktober tot 7 jaar cel veroordeeld. 
D. zou als kroongetuige hebben opgetreden tegen Ludwig P. en Theo H., die beiden lid zouden zijn geweest van de Juliëtbende. In december 2004 werden P. en H. door het gerechtshof in Den Bosch vrijgesproken. De rechtbank in Breda had de belastende verklaringen van D. eerder niet erg betrouwbaar gevonden, maar ze vond dat de verklaringen van D. werden ondersteund door politieobservaties. Het gerechtshof oordeelde echter dat deze politieobservaties niet klopten. Zo zou Theo H. op de Waddeneilanden hebben gezeten op een dag dat hij volgens de observatieverslagen in de buurt van een lading heroïne was gezien.
Later zou D. in Londen zijn opgepakt voor drugshandel.